Image

Info

Welkom bij Opel Drivers Belgium

Opel Drivers Belgium, of kortweg ODB, is opgericht in 1997. Ondertussen blazen we dus reeds 20 kaarsjes uit wat we ook vieren met een weekendtreffen 20 jaar Opel Drivers Belgium (past, present & future)

In 1997 werd de club opgericht door André Mertens die de club ook jaren op een voortreffelijke manier heeft bestuurd en dit samen met zijn toenmalige vriendin Kristel. Na het voorzitterschap van André heeft Dirk van de Walle het voorzitterschap overgenomen tot voor enkele jaren. Sindsdien is Peter Legaet voorzitter van Opel Drivers Belgium, bijgestaan door Benny Blauwaert als ondervoorzitter en neemt Dirk van de Walle opnieuw een plaatsje in het bestuur als penningmeester.

Het clublokaal van Opel Drivers Belgium is sinds dit jaar café Den Heksenketel in Belzele bij Evergem. Af en toe wordt er afgesproken om zaken te bespreken.

Opel Drivers Belgium is een vriendenclub die mensen wil samenbrengen met een gezamenlijke passie: Opel. Of het nu een standaard Opel betreft, een getuned exemplaar of een oldtimer. Iedereen met een Opel is welkom in de club. Regelmatig wordt er afgesproken om naar Opel meetings te rijden maar dat is natuurlijk geen verplichting.

Wil je kennismaken met onze club, aarzel dan niet ons te contacteren.


Opel Drivers Belgium in de pers

Op zaterdag 30 mei 2010 heeft Opel Drivers Belgium, samen met nog een aantal andere Opel clubs een interview gegeven in De Standaard. Dit naar aanleiding van de overname van Opel. Het artikel gaat over Opel en de emoties hierrond. Veel leesplezier!

EENS OPEL, ALTIJD OPEL: DE MANTA-BOYS EN DE CORSA-TUNERS — ‘Ik zal proberen enkele leden van de club mee te brengen naar onze afspraak’, zegt André Mertens, de voorzitter van de Opel Drivers Belgium. ‘Ik zal wat rondbellen, tot straks.’ Als we een uur later het parkeerterrein van de Carrefour in Oostakker op rijden, staan daar minstens tien Opels te blinken. ‘Dat is waar het over gaat bij Opel-fans’, zegt Mertens glunderend. ‘De kameraadschap. Wij zijn een hechte groep, met Opel als bindend element.’

Hoe komen mensen erbij om een passie voor Opel te ontwikkelen, toch niet meteen het automerk dat de meeste emoties oproept? André Mertens moet even met de ogen knipperen bij zoveel onwetendheid. ‘Ik kan u zeggen dat geen enkel merk zoveel emoties oproept als Opel’, zegt hij afgemeten. En wijzend naar de Volkswagen waarmee we op de afspraak zijn verschenen: ‘Mag ik u overigens vragen om die vuilniswagen wat verderop te parkeren?’ Even hangt er spanning in de lucht, maar dan barst de hele groep in lachen uit. ‘Ik maak maar een grapje, maar de rivaliteit tussen Opel en VW is echt wel legendarisch’, zegt Mertens. ‘Zeker in Duitsland leeft dat nog heel sterk. Je kunt het nog het best vergelijken met de clans van de Beatles en de Stones in de jaren zestig. Op tuning-meetings zie je af en toe zelfs een Opel met een VW-logo op… de uitlaat gemonteerd.’

Persoonlijk associëren wij Opel met een wat ouder publiek, maar dat valt hier reuze mee: de Opel Drivers Belgium zijn overwegend jonge kerels, met recente Opeltjes. Corsa’s en Astra’s, voornamelijk. Licht getuned, maar niet overdreven, een beetje zoals de eigenaars zelf: die hebben allemaal wel ergens een piercing, maar niet overdreven. We stellen onze vraag nog een keer, maar voorzichtiger nu: waar komt die passie voor Opel vandaan? ‘Voor de meesten van ons is dat het merk waarmee we zijn opgegroeid’, zegt Mertens. Bij zowat iedereen hier rijdt het hele gezin Opel, en als dat niet zo is, dan zorgt dat altijd voor familieruzies.’ (lacht)

Een tuin vol Opels

Opel is duidelijk de auto des volks. Elke club (en er zijn toch een tiental in Vlaanderen) telt een hoog percentage Kenny’s, Rudy’s en Timothy’s in zijn rangen, mannen die met de handen werken en niet aarzelen om zelf aan hun auto te sleutelen. Opel is betaalbaar, en dat heeft voor veel van deze enthousiastelingen die eerste kennismaking bespoedigd. ‘Als je op je achttiende je eerste auto koopt, dan wil je misschien een Golf (boegeroep bij de anderen, red.) maar die zijn erg duur’, zegt Benny. ‘Dan kom je al snel bij Opel terecht. Als je een keer zo’n trouwe compagnon hebt, dan ben je verkocht.’

Over trouwe compagnons gesproken: een van de Opel Drivers Belgium drijft zijn liefde voor het merk wel erg ver. Peter Legaet heeft er liefst veertig. ‘Waar die allemaal staan? In mijn tuin’, zegt hij. Dat moet een grote tuin zijn, waar veertig auto’s in kunnen. ‘Zestig’, corrigeert Peter. ‘Ik heb ook nog twintig Amerikanen staan. Van GM, natuurlijk.’

De link met General Motors heeft wel meer autoliefhebbers richting Opel gestuurd. De Opels uit de jaren veertig en vijftig waren bijna miniatuurkopieën van de Chevrolets en Pontiacs uit dat tijdsgewricht, waardoor het merk nogal wat fans van Amerikaans chroom onder zijn bewonderaars mag rekenen. De kerels van de GM Custom club uit Gent, bijvoorbeeld, die regelmatig verbroederen met hun stadsgenoten van de Opel Drivers Belgium. Dat zijn heel andere types dan de wat spichtige jongens van ODB: breedgeschouderde, in leer gehulde binken, bij voorkeur met bakkebaarden en een gevlamd T-shirt. De drie leden die zijn komen opdagen, deden dat in één Record en twee MantaA’s, maar in de week rijden ze in gigantische pick-ups van Chevrolet of GMC, met zware, gorgelende V8-motoren. Op lpg, dat spreekt. Waarom ze dan een MantaA als oldtimer hebben? ‘Dat is toch evident’, zegt Peter Janssens, ‘het is de mooiste Opel ooit, de Corvette van de gewone mens.’

Lieve kleine Manta

In het Hageland, te Assent meer bepaald, ontmoeten we twee mannen die het daar niet helemaal mee eens zijn. ‘De MantaA, daar is niets mis mee, maar de enige echte Manta is de MantaB’, zegt Koen Ackx van de MantaB Club Hageland. ‘Het was mijn allereerste auto en ik ben hem altijd trouw gebleven: deB is gewoon veel mooier dan deA, en hij leent zich het best tot tuning.’ 

Zulks wordt aanschouwelijk gemaakt in de kleine zelfgebouwde loods waarin Koen zijn vier Manta’s beschermt tegen de elementen. Boven de poort van het bouwwerk prijkt de neus van een lila MantaB. Als je de lichtschakelaar in de loods aanknipt, gaan zijn koplampen branden. In de loods staat de achterste helft van die lila Manta: ‘Ik heb ‘m ooit in tweeën gesneden om er een aanhangwagen van te maken’, zegt Koen. ‘Om mee naar meetings te rijden. Maar dat project ligt een beetje stil.’

Voorts heeft Koen één oranje-zwarte GT/E in originele staat staan, de drie andere zijn haast onherkenbaar verbouwd met polyester tuningkits uit de periode. Allemaal zelf gedaan. Ook Rudy, de voorzitter van de club, heeft zijn Manta eigenhandig gerestaureerd en uitgebouwd. Drie jaar heeft hij eraan gewerkt. ‘Eigenlijk zou ik al opnieuw moeten beginnen’, zucht hij. ‘De dorpels en de portieren beginnen alweer te roesten.’

De liefde voor de MantaB bij deze mannen is ontroerend. Koen is meubelmaker, Rudy werkt bij busfabrikant Van Hool, en bijna al hun vrije tijd gaat naar hun auto’s. De andere leden van de club hoeven niet onder te doen: er is er zelfs een bij die zijn dochter Manta heeft genoemd. Koen niet: zijn schattige dochters heten gewoon Litah en Alanah.

De MantaB Club Hageland telt nog tien leden. Dat is niet veel, want in de gloriedagen waren het er zestig. Is de interesse tanende? ‘Het jonge grut kent die auto natuurlijk niet meer’, zegt Rudy. ‘Hij is maar gebouwd tot in 1988 en er blijven er ook maar een handvol over. Maar we denken er niet aan onze club uit te breiden naar andere modellen: wij blijven deB trouw. Ook al ziet het er op termijn niet goed uit: andere Manta-clubs zijn al opgedoekt wegens gebrek aan belangstelling.’

Niet alleen Manta-clubs, zo leren we wanneer we Cinthy Matten opbellen. Volgens de website van de Flemish Opel Club is zij de voorzitster van die vereniging voor Opel-liefhebbers met hoofdzetel in het West-Vlaamse Izegem. Dat is achterhaald, zo blijkt: ‘Onze club bestaat niet meer. Gebrek aan interesse.’ Cinthy woont nu met haar kinderen Kimberly, Gregory en Kenny in de Ardennen.

Tuning? Nee, bedankt

De meest succesvolle Opel-club te lande moet de Opel Veteran Club zijn, met zijn 110 leden. ‘Bij ons vind je alleen eigenaars van oldtimer Opels in originele staat’, zegt voorzitter Geert Comyn. ‘Niet dat we iets tegen tuning hebben, maar wij houden het toch liever zuiver.’

De club telt vooral modellen uit de jaren zestig en zeventig, hier en daar aangevuld met een Kapitän uit de jaren vijftig. Er zitten ook enkele vooroorlogse modellen tussen, maar die laten zich zelden op de meetings spotten. Het aanbod is in ieder geval erg divers, is de sociale achtergrond van de eigenaars dat ook? ‘We hebben wel een enkele bankdirecteur, dokter of leraar in ons ledenbestand, maar ook in de classic sfeer blijft Opel de auto van de werkman. Het zijn betaalbare oldtimers, en je kunt er zelf aan sleutelen.’

Zelf is Comyn de trotse eigenaar van een oldtimer KadettC GT/E uit de jaren zeventig. Voor dagelijks gebruik heeft hij nog een Record uit 1985 en een SenatorB uit 1992. Hoe kijkt een Opel-fanaat als hij aan tegen de storm die nu rond zijn lievelingsmerk waait? ‘Ach, of ze nu door Fiat of door iemand anders worden overgenomen, voor ons blijft het gewoon Opel’, zegt Comyn. ‘Ons is het om de wagens te doen, met het bedrijf zelf hebben we toch nauwelijks contact. Opel België heeft op dat vlak altijd de boot afgehouden.’

En wat als Opel ophoudt te bestaan? ‘Dan moet ik de rest van mijn leven op zoek blijven gaan naar tweedehands wagens’, zegt Comyn. ‘Want een ander merk zul je nooit op mijn oprit zien staan.’